Rob's web

Home - Honden - Kynologie - De duitse herdershond - De hondeneus


Honden hebben een machtig reukorgaan. Zij krijgen hun informatie in de eerste plaats via de geur en onderzoeken alles wat zij op hun weg tegenkomen met hun neus om deze geurinformatie op te doen. U zult dat zelf vaak genoeg gemerkt hebben. Als u bijvoorbeeld bij kennissen op bezoek bent geweest en daar een andere hond hebt aangehaald, zult u bij thuiskomst grondig onderzocht - dus besnuffeld - worden door uw hond. Dit luchtje vertelt uw hond veel over de andere hond. Honden zijn supersnuffelaars. Voor de hond is zijn neus van onschatbaar belang.

Een hond die de hele dag in huis leeft en de luchtjes in dit huis door en door kent zal zich stierlijk vervelen. Voor hem valt er niets nieuws te beleven, want er zijn geen nieuwe geuren die hem iets interessants vertellen. Het is daarom van groot belang dat iedere hond zijn dagelijkse wandeling krijgt en lekker vrij mag ravotten. Niet alleen voor de nodige lichaamsbeweging, maar voornamelijk voor alle belevenissen die hij tijdens deze wandeling opdoet. Want dat hij veel beleeft via zijn neus is duidelijk.

Het reukvermogen van de hond is zo onvoorstelbaar veel groter dan van de mens. Zo kan een hond bijvoorbeeld 2 milligram uitgeperst vleessap herkennen en net zo reageert hij op 5 milligram urine van een teefje (een hond heeft als vleeseter een beter reukvermogen voor dierlijke dan voor plantaardige stoffen). Azijnzuur herkent de hond nog in oplossingen die honderdmiljoenvoudig verdund zijn. Dat zijn natuurlijk ongelooflijke prestaties.

Geur en lichaamstaal

Als twee honden elkaar tegenkomen, speelt hun neus een voorname rol in deze ontmoeting. Ze lopen met langgerekte hals en recht naar voren gerichte snuit op elkaar toe en proberen al op enige afstand elkaars geuren te ruiken. Hierbij komen ze zo dicht bij elkaar, dat de neuspunten elkaar raken. Deze neuskontrole, dit van neus-tot-neus besnuffelen, komt veel minder voor bij honden die elkaar al goed kennen, omdat zij onmiddellijk een intiemer kontakt toestaan.

Daarnaast vertelt hun lichaamshouding veel. Is één van de twee honden onvriendelijk gestemd en zet hij bijvoorbeeld zijn haren overeind, dan kan de ander zich snel terugtrekken als hij het niet op een uitdaging wil laten aankomen. Zijn beide honden echter vriendelijk gestemd (de honden kwispelen dan bijvoorbeeld met de staart) dan wordt dit neuskontakt aanleiding tot een begroetingsceremonieel, waarbij de geur de belangrijkste rol speelt. De honden gaan na de neuskontrole zij aan zij staan en richten de neus eerst nog naar de zijkant en daarna naar de achterkant van het hondenlichaam. Vooral het gebied rond de staart schijnt erg interessant te zijn voor onze honden en ze kunnen elkaar daar langdurig en grondig besnuffelen. Waarom is dat nu?

Rond de anus liggen klieren die geurstoffen produceren. Wij mensen merken weliswaar niets van deze geurstoffen, maar voor de fijne neus van de hond hebben ze, bij wijze van spreken, evenveel waarde als ons paspoort bij de douane.

De hond stelt aan een speciale geur de identiteit van de soortgenoot vast. De geur is dan ook het visistekaartje. van de hond. Voor de hond geldt: mijn geur is mijn "ik". Deze vergelijking met de douane gaat ook nog op een ander vlak op. Als iemand aan ons onze pas vraagt, willen we er eerst zeker van zijn of die persoon wel het recht heeft hierom te vragen. Ze kunnen dit doen door zich te legitimeren of door een uniform te dragen. Bij honden is de kontrole van de geur in zekere zin een sociaal voorrecht, dat vooral de in rang hogere reu toekomt.

Hij mag kontroleren en hij laat zich ook zonder enige terughoudendheid kontroleren, hij presenteert bewust de anaalregionen. Als de andere deze meerderheid onmiddellijk erkent, brengt hij dit tot uitdrukking door zijn staart naar beneden te houden om zijn anaalpartij te verbergen; erkent hij de andere hond niet, dan zal hij hem met gelijke houding tegemoet treden. De honden vertellen elkaar dus veel door hun geur en dit geurbeeld wordt aangevuld met hun lichaamshouding.

Snuffelen op straat

Ook aan de ontlasting van de hond zit een bepaalde geur en tijdens de wandeling zullen honden dan ook vaak snuffelen aan uitwerpselen die zij op hun weg tegenkomen. Ook dit verschaft de hond bijzonder veel informatie. Zo kan hij bijvoorbeeld aan de ontlasting ruiken of hij de andere hond persoonlijk kent. Hij kan ook vaststellen of het nu een reu of een teef is geweest. Voor een hond is deze informatie erg belangrijk, want honden zijn niet alleen sociaal levende wezens, ze zijn ook erg territorium bewust. Het is voor de hond van belang om te weten, wie in zijn gebied is geweest en wanneer.

Een hond, die de individuele geur van een andere hond al kent, kan ook vaststellen of deze kort geleden door de straat is gekomen, als er géén uitwerpselen van hem liggen. Hij ruikt namelijk ook de zweetafdrukken van zijn poten. Dit geurspoor ontstaat doordat de harde zoolkussens en de tenen zeer veel zweetklieren bevatten, die sterke uitscheidingsstoffen produceren. Zo kan hij de geur herkennen van een hond die hij al eerder ontmoet heeft, maar hij kan daarnaast ook nog ruiken in welke richting de hond gelopen is en of dit lang geleden is geweest. Hij doet dit op bijzonder knappe wijze. Zoals bekend verspreidt een geur zich, dat wil zeggen het breidt zich uit. De geurmolekulen zwerven van de plek waar ze zijn neergezet af. Hoe ouder een geurmerk is, hoe minder er van deze geurdragertjes overblijft, totdat de geur helemaal is opgelost.

Bevinden zich nog voldoende geurmolekulen op een spoor, dan kan de hond als hij er over een bepaalde afstand langs loopt, met zijn neus aan de dichtheid herkennen in welke richting de voorbijganger is gegaan. Als hij het spoor tegen de looprichting in volgt wordt de geur steeds minder, volgt hij het met de looprichting mee, dan wordt de geur sterker.

Dit bovenstaande duidt wel aan hoe bijzonder goed het reukorgaan van de hond ontwikkeld is. Met zijn fantastische neus kan de hond de mens bijzonder verdienstelijk zijn en hij wordt er dan ook op getraind om de baas behulpzaam te zijn bij zaken waar de mens zelf niet toe in staat is. Zo volgt de jachthond bijvoorbeeld op kommando van de jager het spoor van het aangeschoten wild, de politiehond het spoor van een verdachte etc. De hond levert een prestatie die voor de mens absoluut onmogelijk is.

Verzorging van de neus

De neus van de hond behoefte doorgaans weinig onderhoud. Het grootste gedeelte van de neus wordt gevormd door de neusrug die doet vanzelf mee met de gewone borstel- en kambeurten. Het voorste gedeelte, ook wel bekend als de "koude, natte hondeneus", heet eigenlijk neusspiegel. Daarin liggen de neusgaten die overhuifd worden door de neusvleugels. De neusgaten moeten schoon zijn. Een etterige of slijmig-etterige neusuitvloeiing (afscheiding) wijst bij de hond vaak op de zogenaamde hondeziekte. Dit is een ernstige infektieziekte met heel vaak een dodelijke afloop. Gelukkig komt deze ziekte nauwelijks meer voor omdat vrijwel alle honden daartegen worden ingeënt. Een neusuitvloeiing kan ook voorkomen bij min of meer ernstige ontstekingen van de neus of van de bijholten en verder bij kwaadaardige processen in de schedel. Reden genoeg dus om met een hond met neusuitvloeiing altijd naar de dierenarts te gaan.

Niezen

Niezen kan een hond net zo goed als een mens. Meestal niezen honden bij het opsnuiven van prikkelende stoffen, maar het kan ook voorkomen als gevolg van een koude luchtstroom (vooral tocht is erg slecht voor een hond). Niezen kan ook optreden als een hond bij het besnuffelen iets in de neus heeft gekregen, zoals bijvoorbeekd een grasaar. Verder kan hij ook gaan niezen tengevolge van in de neus aanwezige parasieten. In dergelijke gevallen is het niezen vaak zeer heftig en komt het voor in aanvallen. Als de hond blijft niezen, is het raadzaam om naar een dierenarts te gaan omdat er wellicht iets in de neusgang of de bijholte zit dat verwijderd moet worden.

Uit: Belg. Herder, dec. '89