Rob's web

Home - Honden - Kynologie - De duitse herdershond - Een tandenborstel voor uw hond?


De hond is van nature sterk aangewezen op de kwaliteit van zijn gebit. Oorspronkelijk gebruikte hij z'n gebit om hele prooidieren te verorberen. Net als zijn voorloper, de wolf, scheurde en trok hij zijn buitgemaakt voedsel uiteen, om er vervolgens langdurig aan te kluiven en op te kauwen. Het gebit werd op deze wijze goed schoon en daarmee gezond gehouden.

Tegenwoordig is de hond afhankelijk van de mens, wij bepalen het menu en zijn er dus ook verantwoordelijk voor dat de kwaliteit van zijn gebit goed blijft. Het belangrijkste probleem waar de huishond mee te maken krijgt is de ontwikkeling van de tandplak. Tandplak wordt gevormd doordat restjes voedsel op het gebit achterblijven, waarin zich bacterien vermeerderen. Wanneer tandplak niet verwijderd wordt, kan het onder invloed van speeksel verkalken tot tandsteen. Tandplak en tandsteen veroorzaken een ontsteking van het tandvlees. Een tandvleesontsteking kan zich verder uitbreiden langs de wortel van de tand of kies. In dit geval spreekt uw dierenarts van een parodontale aandoening. Ook al bij veel jonge honden worden symptomen van deze aandoening waargenomen. Dergelijke gebitsproblemen zijn vaak reden om de hond bij de dierenarts te laten onderzoeken. De aandoening is pijnlijk en vaak blijkt dat door voortgaande ontsteking de tanden of kiezen moeten worden getrokken. Zo ver hoeft het echter niet te komen! Preventie is van groot belang. Om u een goed inzicht te verschaffen, wordt de oorzaak en de behandeling van dit gebitsprobleem nader besproken. Vervolgens worden enkele adviezen gegeven om de vorming van tandplak en daarmee tandsteen te voorkomen.

Ontstaan

Directe oorzaak van de ontsteking van het tandvlees is de vorming van tandplak. Tandplak bestaat voornamelijk uit bacteridn die zich in een voedingsbodem (voedselresten) vermeerderen. Deze bacteriën veroorzaken dan ontsteking van het tandvlees. De tandplak ontstaat boven of net onder de rand van het tandvlees.Tandplak is zacht materiaal en geel van kleur. Het bevindt zich vooral op plaatsen van het gebit die niet makkelijk schoon te houden zijn door de bewegingen van tong en wangen of tijdens het kauwen. Dit betekent, dat we tandplak en tandsteen vooral aan de buitenkant van de bovenhoektanden, bovenscheurkiezen en op de kiezen daarachter zullen vinden. Speeksel bevat mineralen, waardoor de tandplak verkalkt tot tandsteen. De vorming van tandsteen is ruw zodat zich meer bacteriën ophopen die de tandvleesontsteking verder doen toenemen. Het tandvlees raakt door de ontsteking rood en gezwollen. Als de ontsteking verergert, vormt zich ook pus en dat gaat gepaard met een vieze lucht. Vervolgens kan de ontsteking zich naar de diepte verplaatsen waardoor er een holte langs het gebitselement richting wortel ontstaat, zodat het element op den duur zelfs los komt te zitten. De hond zal dan slecht of niet meer eten omdat het pijnlijk is. Door tijdig de dierenarts te raadplegen voorkomt u veel narigheid voor uw hond, uzelf en de omgeving.

Behandeling

lndien uw hond laat merken dat er gebitsproblemen zijn: stank uit de mond, rood tandvlees, kwijlen of niet eten, is het raadzaam om uw dierenarts te consulteren. Is er sprake van tandsteen met tandvleesontsteking, dan moet uw dierenarts het gebit onder narcose schoonmaken. De dierenarts zal het tandsteen met speciaal instrumentarium verwijderen totdat glazuur en worteloppervlak weer schoon en glad zijn. Als tanden of kiezen los zitten moeten deze worden verwijderd.

Preventie

Het is van groot belang om uw hond van jongs of aan tandplakvrij te houden. Een preventieve maatregel, die daartoe kan worden aangewend is, het regelmatig poetsen van het gebit van uw hond. Onderzoek heeft uitgewezen dat Brie keer per week borstelen voldoende is om een schoon gebit en gezond tandvlees te behouden. Voor een geslaagd gebitsonderzoek en het borstelen is geduld en training van belang. Uw hond moet op een vertrouwde plaats staan zodat hij zich rustig voelt. U begint voor het gebitsonderzoek eerst de lip enkele seconden omhoog te houden. U let dan op zichtbare zwelling van het tandvlees, stank uit de mond en de aanwezigheid van tandsteen. Heeft het gebit alleen tandplak, dan kunt u dit verwijderen door te poetsen. Zijn er volgens u ernstiger problemen, raadpleeg dan uw dierenarts.

Als het borstelen van het gebit voor uw hond nieuw is, gaat u als volt te werk: u strijkt even met uw vingers langs de wang en als de hond dit toestaat kunt u dit ook aan de binnenkant doen. Eerst met de blote vingers, vervolgens met een vochtig gemaakt gaasje of klein doekje. Als uw hond aan deze aanraking gewend is, kan er gebruik worden gemaakt van een speciaal voor honden gemaakt poetsgaasje, eventueel wattenstokjes of een aan de grootte van de hond gekozen zachte tandenborstel.

Tussendoor laat u hem even slikken. U moet bedacht zijn op plaatsen waar tandplak en tandsteen eerder zal voorkomen (hoektanden en scheurkiezen). Door alleen deze schoon te houden hebt u al voor een heel groot gedeelte aan preventie gedaan. In eerste instantie gebruikt u geen tandpasta. U kunt wel met uw dierenarts overleggen welke middelen geschikt zijn voor uw hond. Het is van belang dat u met uw hond toewerkt naar een situatie waarin het poetsen als een routine wordt ervaren.

Een beloning voor uw hond na afloop (bijvoorbeeld in de vorm van een wandeling) is dan op z'n plaats. Naast het poetsen is het ook belangrijk dat uw hond veel kauwt, hoe meer hij kauwt, des te minder is de ontwikkeling van tandplak. Sommige honden houden op deze wijze een schitterend schoon gebit. Het is raadzaam uw hond te laten kluiven, bijvoorbeeld aan een speciale kluif. Ook het soort voeding speelt een rol: harde brokken zouden minder voedselresten achterlaten dan zacht voer. Echter ook bij het verstrekken van harde brokken blijven voedselresten achter en daarmee de kans tot uitbreiding van tandplak.

Drs. Jan Bos.

©Dalmatisch Nieuws