Rob's web

Home - Honden - Kynologie - De duitse herdershond - Ik zie, ik zie, wat jij niet ziet


Wanneer de familie voor de tv gaat zitten, ligt de hond daar meestal ook bij. Het is opvallend dat hij zich nauwelijks voor de tv programma's interesseert: hij heeft alleen aandacht voor een zo gunstig mogelijk plaatsje, waar hij de kans loopt geaaid te worden en waar het lekker ligt. Vaak heb je de indruk dat de geluiden en de muziek die uit het apparaat komen voor de hond helemaal niet bestaan.

Is het tv toestel alleen maar interessant voor de hond omdat daar zich het sociale leven afspeelt en de roedel bij elkaar komt? Oefent de tv tegenwoordig net zoveel aantrekkingskracht uit als vroeger het kampvuur waar om heen zich onze voorvaders verzamelden om daar de jachtbuit onder de stamgenoten en hun vierbenige helpers te verdelen? Of kunnen honden werkelijk dat op 't beeldscherm zien wat wij ook zien en kijken ze alleen maar de andere kant op omdat de programma's hen niet bevallen? Het antwoord ligt, zoals meestal 't geval is, ergens in 't midden: tv kijken betekent zeker voor de hond op de eerste plaats een familie aangelegenheid - alleen kijkt niemand graag tv.

In ieder geval laten veel hondeneigenaren ons weten welke voorvallen ze meemaken waarbij hun hond werkelijk naar de tv aan 't kijken was. Dit gaat soms zover dat ze naar het apparaat beginnen te blaffen en er achter kijken om te zien wat of wie zich daar bevonden. Meestal gebeurt dat bij uitzendingen waarin honden of andere dieren voorkomen, met authentieke dierengeluiden.

Echte flitskastjes

Dat honden tenminste in theorie tv kunnen kijken, dat hebben onderzoekers inmiddels bewezen: ofschoon 't gezichtsvermogen van honden anders is dan van mensen, kunnen ze in de grond van de zaak alles volgen wat zich op het beeldscherm afspeelt. Enige beperkingen zorgen er voor dat hetgeen ze zien tien maal vervelender dan leuk is, daarom kijken ze niet.

De grootste handicap voor de hond is de beeldfrequentie van 60 Hertz, dat wil zeggen dat er 60 beeldjes in een seconde te zien zijn. Dat is voldoende voor mensen, de opeenvolging van beelden geeft de illusie van beweging, maar voor honden is het te langzaam. Ze zien een snelle flikkering die de beelden overheerst.

Daarbij komt dat honden het televisiebeeld minder scherp kunnen zien dan wij mensen. Wie ooit de pech heeft gehad op een lange vlucht naar een beeldscherm met 20 Hertz aangewezen te zijn geweest, kan zich daar enige voorstelling van maken. Ook het zien van kleuren is bij de hond beperkt. Dit is terug te voeren op verschillen die er vroeger zijn ontstaan. Wolven zijn als jager op het kijken in de schemering aangewezen.

Bij primaten daarentegen is een goede kleurenwaarneming op klaarlichte dag nodig om voedzame vruchten te herkennen en om trefzeker van boom tot boom te kunnen slingeren.

gezichtsveld hond en mens
Honden beschikken over een groter gezichtsveld dan de mens; ze kunnen vanuit hun ooghoeken dingen waarnemen die zich achter hen afspelen. Echter, de hoek die door beide ogen gezien kan worden is minder, waardoor hun gezichtsveld waarin ze diepte kunnen zien, het ruimtelijk beeld, kleiner is.

Oog hond
Hondenogen zien vooral in de schemering veel beter dan mensenogen, speciaal op het gebied van gezichtsscherpte. Dat blijkt bij het televisiekijken een nadeel te zijn, omdat de televisie op de ogen van primaten ingesteld is.

Dikke boomstam

Televisie kijken is voor honden ongeveer net zo interessant als voor ons het ruiken aan een dikke boomstam. Je kunt dus gerust een ander programma opzetten zonder dat je het aan je hond moet vragen. Dat verandert snel wanneer er een speciaal reclamespotje voor honden uitgezonden wordt, net zoals laatst in Frankrijk een spotje voor katten te zien was. In elk geval verkoopt een firma via internet video's, die speciaal voor katten gemaakt zijn (www.catgift.com). Via het beeldscherm kunnen ze dan op vogels, eekhoorntjes en hagedissen loeren. Onze tip voor een spannende hondenfilm: jacht op postbodes!!

Met de ogen van een hond

Hondenogen zijn prima aangepast voor een jachtpartij in de schemering. Deze ogen hebben achter de lichtgevoelige cellen een reflecterende laag. Hierdoor kan invallend licht deze lichtgevoelige cellen twee maal prikkelen.

De hogere lichtgevoeligheid vermindert de gezichtsscherpte: een hond neemt gedetailleerd een figuur op 6 meter waar zoals een mens dit op 22 meter afstand zou doen. Hij ziet dus duidelijk minder scherp.

Ook de afstand waarop hij dingen scherp ziet is minder dan bij de mens: voorwerpen die minder dan een halve meter van hem af zijn, kan de hond niet meer scherp zien. Veel honden hebben ook problemen met ver kijken. Honden nemen de kleuren net zo waar als iemand die rood/groen kleurenblind is, bovendien zijn de kleuren wat minder intensief, omdat het aantal kleurontvangers minder is dan bij de mens.

Bewegende voorwerpen herkent de hond wezenlijk beter dan niet bewegende. Honden kunnen tot 80 lichtbeelden per seconde onderscheiden, bij mensen zijn dit er slechts 50. Daarna ziet de mens het als een constant licht.

Het gezichtsveld van de hond is groter dan dat van de mens. Daarentegen is het gebied waarin diepte gezien wordt (het ruimtelijk beeld) kleiner.