Rob's web

Home - Honden - Kynologie - De duitse herdershond - Moederinstinct is niet altijd aangeboren


Niet iedere teef is geschikt als (pleeg)moeder

Volwassen teven kunnen zich tegen puppy's heel hard opstellen. Of zich juist als liefhebbende 'peettante' gedragen. Functioneert het zogenaamde 'Kindschenschema', van Lorenz, misschien alleen bij eigen nakomelingen? Om hier achter te komen zijn volwassen teven van verschillende rassen en verschillende leeftijden getest.

Type A: de geboren moeder

Als een teefje van dit type voor het eerst in haar leven een heel jonge, nog blinde zuigeling ziet, raakt ze direct in een staat van opwinding. Het kleine hoopje hond, dat men haar eerst heel voorzichtig voorhoudt, wordt uitvoerig besnuffeld en bekeken. Meestal worden daarbij piepende geluidjes gemaakt. Dan zie je het kwartje vallen en de teef schakelt haar aangeboren verzorgingsinstinct in. Zet men nu de pup op de grond, waar hij gegarandeerd, ontevreden piepend, zoekbewegingen met het kopje zal maken en alle moeite zal doen om zijn moeder en nestgenootjes te vinden, dan begint de teef direct het pupje te likken. In het begin overal, maar al snel beperkt ze zich tot het kopje en de nek. Daarbij wordt het natgelikte deel van de pup intensief` besnuffeld. Vanzelfsprekend wordt de pup rustiger van deze behandeling, maar de teef gaat onverminderd door. Ze likt, snuffelt en likt vol aandacht opnieuw. Op een gegeven moment duwt ze haar snuit onder het lijfje, tilt het iets op en draait de pup op zijn rug. Dan masseert ze de buikstreek, reinigt zijn achterwerkje, en gaat dan weer verder met het kopje. De pup ligt er nu meestal helemaal stil en tevreden bij. En piept alleen nog maar als de teef haar werk even kort onderbreekt. Geheel in de ban van haar moedergevoelens geeft de teef, na het piepen in het begin, geen kik meer. Ze kwispelt voortdurend zachtjes en maakt een opgewekte en alerte indruk.

De deelneemsters worden de volgende dag met een andere pup, van dezelfde leeftijd, in contact gebracht. Type A is direct weer opgewonden maar vertoont nu iets meer routine bij het likken, masseren en reinigen van de pup. Het valt te verwachten dat, mocht ze dat de eerste dag nog niet hebben gedaan, ze nu ook zal proberen de pup heel voorzichtig in haar bek te nemen om hem naar haar 'nest' te brengen. Het kan echter bij proberen blijven. Dat wil zeggen: ze wil de zuigeling graag naar een veilig plaats overbrengen maar weet niet precies hoe. Dan duwt ze er misschien al kwispelend met haar neus tegenaan, probeert de pup bij de nek vast te pakkenen piept daarbij 'radeloos'.

Als ze een week later met vier, 35 dagen oude, puppy's geconfronteerd wordt piept ze niet meer maar gaat direct verheugt aan de slag. Bij elke pup begint ze met likken, op de rug draaien om de buikstreek te masseren en zo de ontlasting te stimuleren, en wassen. Daarna ruimt ze zelfs de eventuele ontlasting en urine op. Vanzelfsprekend maakt ze ook aanstalten om met de puppy's te spelen. Ze probeert hen te verleiden tot een korte achtervolging door de kamer en andere soortgelijke spelletjes. De puppy's mogen over haar heen klauteren en in oren, nek, poten en staart bijten. Pas als er één aan een tepel begint te zuigen duwt ze hem met de neus zachtjes weg. De 'type A teef 'speelt duidelijk heel bewust zachtjes met de puppy's. Wanneer één van hen zich in het onderlinge spel bezeert of schrikt en luidkeels begint te gillen reageert ze, al naar gelang van de intensiteit van het misbaar, door het slachtoffer in het oog te houden of door er heen te gaan om hem troostend te likken.

In de loop van de daaropvolgende weken worden de testdieren nog meermalen in een kamer bijeengebracht. Soms één pup, soms meerdere tegelijk en altijd voor ongeveer een uur. Het gedrag van de teef verandert slechts in die zin, dat ze instinctief op het verschillende gedrag van de puppy's en de gebeurtenissen van het moment reageert. Wanneer ze zelf nakomelingen krijgt is de A-teef een ideale moeder. Als je bij deze teef een pup als tweede hond aanschaft, dan neemt ze enthousiast de rol van pleegmoeder op zich. En als er hulp nodig is bij de opfok van een moederloos nest, op haar kun je rekenen. Vaak sluit ze zelfs zuigelingen van een andere soort in haar hart: een ree, een vosje, een haasje of een geitje, als de teef maar kan verzorgen en beschermen.

Type B: de dwangarbeidster

In deze groep vinden we de teef die, zodra zij het blinde puppy in de handen van haar eigenaar opmerkt, maakt dat ze uit de buurt komt. Houdt men haar de pup toch voor, dan draait ze zich afkerig om. Hetzelfde bij de tweede test. Na de begroeting van het baasje volgt enkel volledige desinteresse voor het piepende kleintje. Deze houding verandert ook ten opziche van de 35 dagen oude puppy's niet. Type B is nooit agressief, probeert nooit om de puppy's het leven zuur te maken. Ze blijven alleen op zo groot mogelijke afstand. Het beeld verandert dramatisch wanneer een pup niet voor even aanwezig is, maar als nieuw familielid zijn intrede doet. Als de teef in de gaten krijgt dat het piepende bundeltje met haar onder één dak zal blijven wonen, dan wordt ze meteen actief. Dwangmatig zelfs, want ze kan moeilijk werkloos toezien hoe de nieuwe aanwinst zich een plaats verovert bij het baasje, speeltjes in bezit neemt, eten wegpikt enzovoort. Voorop gesteld dat de twee qua karakter bij elkaar passen, lees: type B accepteert de nieuwe huisgenoot, dan ontluikt haar verzorginstinct. Ze wast en masseert de piepende nieuwkomer, verzorgt eventuele schrammen, beschermt en verwarmt de welp enzovoort.

Het is wellicht geen toeval dat teven van het type B meer of minder verwende eenlingen zijn, die sterk aan hun eigenaar zijn gehecht. Als het dan echter toch moet, ontpoppen ze zich als welgemanierde pleegmoeders. Gaat het om eigen nakomelingen, dan laat het gedrag van type B dames gewoonlijk niets te wensen over.

Type C: de schrik voor elke pup

Hier moeten we eigenlijk onderscheid maken tussen de gevaarlijke variant en de onrustige variant. Maar in de praktijk is dit onderscheid vaak pas vast te stellen als het te laat is.... Natuurlijk zijn er gedragssignalen die bij de eigenaar van een teef alarmbellen zouden moeten laten rinkelen. één daarvan verloopt als volgt: teef C begint, zodra ze de pup op de arm van haar baasje eenmaal kort besnuffelt heeft opgewonden te blaffen en trillen. Hoewel zij tussendoor steeds even nadert om opnieuw te snuffelen, trekt zij zich telkens onder overdreven geblaf terug. Vergelijkbaar met het gedrag van een onervaren reu ten opzichte van een onrustige of piepende teef. Als de kleine op de grond gezet wordt, cirkelt de teef er besluiteloos omheen, terwijl ze nog steeds trilt. Hierbij blijft het dan. Bij de volgende test cirkelt de C teef luidt grommend om de op de grond rondkruipende pup heen, met de nekharen sterk overeind. Als de kleine wat begint te piepen wijkt ze direct terug, waarbij ze nog harder gromt. De teef trilt heftig en volkomen ongecontroleerd als de 35 dagen oude puppy's direct nieuwsgierig door de kamer gaan rondlopen. Ze gaat de dwergjes zelfs uit de weg maar sluipt dan in hoge houding, met onbewegelijke staart en laag grommend van achteren op ze af om ze meerdere keren te besnuffelen. Als een pup zich hierop omdraait, springt ze luid grommend terug. Omdat de kleintjes desondanks zonder angst op haar af lopen begint het type C teef na ongeveer een kwartier eindelijk te voorzichtig te kwispelen, schudt de vacht eens uit en gaat ontspannen naar de puppy's toe, om ze heel intensief te besnuffelen. Dan gaat ze er bij liggen, strekt speels de poten naar de puppy's uit en vindt het goed dat de kleintjes tegen haar aan botsen en tegen haar op klimmen. Meermaal proberen de puppy's haar tepels in hun bekje te nemen, en worden zachtjes door haar aan de kant geschoven. Ze duldt ook dat de welpen dicht tegen haar aan kruipen om te rusten. Maar de teef begint, bij de herhalingstest toch opnieuw al grommend om de puppy's heen te draaien, op stijve poten en met een strakke staart, alvorens ze zich aan het vriendelijke spelen overgeeft.

Een andere C variant voelt bij het kreunen en piepen van heel kleine puppy's - haar eigen kinderen inbegrepen - geen verzorgingsdrift maar juist haar jachtinstinct ontwaken. Haar trillende besluit-loosheid wordt dus kille berekening: hoe is de prooi het beste te pakken?

Een derde C variant heeft een geheel andere motivatie. Deze teef gaat heel gelaten naar de pup toe, bereikt hem en pakt hem bij zijn nek met als enige doel een einde aan zijn leven te maken. Niet uit felle jachtdrift, maar omdat deze teven zelf drachtig zijn. Hun instinct zegt dat het beter is om voer-concurrenten voor haar eigen kinderen uit te schakelen.

Verder is er nog een lid van de C-groep die zonder veel omhaal de puppy's aanvliegt. Omdat deze teven principieel alles behalve het baasje aanvliegen.

Het verdedigen van voorwerpen

De teef die als een furie reageert wanneer een pup (volkomen argeloos) een bepaald extreem, overdreven taboe rond een bepaald voorwerp overschrijdt, verdedigt haar bezit.Terwijl de eigen teef bijvoorbeeld helemaal niet zozeer de bedoeling had om een nog blinde pup om te brengen omdat die bij het rond scharrelen in de buurt van de lege voerbak kwam, accepteert ze geen enkel vierbenig (en soms ook geen tweebenig) wezen op haar kleed, in lichamelijk contact met het baasje of op een lievelingsplekje. Buiten deze taboesituaties gaan deze teven heel vriendelijk met puppy's om. Maar wee het kleintje dat zich op de verkeerde tijd op de verkeerde plaats bevindt - dat kan heel slecht aflopen.

Deze vorm van agressie wordt competatieve agressie genoemd.