Rob's web

Home - Muziek - Akkoorden


Een akkoord is de samenklank van drie of meer tonen, die zodanig samenklinken dat zij voor het muzikale oor samensmelten tot een gestalte. Let wel: een samenklank van slechts twee tonen noemt men een (harmonisch) interval. In de lichte muziek is het gebruikelijk om akkoorden voor te stellen met akkoordsymbolen.

Op een blaasinstrument kun je een akkoord alleen laten horen door de tonen na elkaar te spel. We noemen dit een gebroken akkoord.

Drieklank

Een drieklank is een akkoord dat bestaat uit 3 tonen en is opgebouwd uit een grondtoon, een terts en een kwint waaruit de vier meest voorkomende typen worden bestaan:

Naam Intervallen Tonen Voorbeeld in C Symbool
majeur of grootgrondtoon + grote terts + reine kwint1, 3, 5c, e, gC
mineur of kleingrondtoon + kleine terts + reine kwint1, b3, 5c, es, gCm
verminderdgrondtoon + kleine terts + verminderde kwint1, b3, b5c, es, gesCdim of C°
overmatig of plusgrondtoon + grote terts + overmatige kwint1, 3, #5c, e, gisC+5 of C+
sus tweegrondtoon + grote secunde + reine kwint1, 2, 5c, d, gCsus2 of C2
sus viergrondtoon + reine kwart + reine kwint1, 4, 5c, f, gCsus4 of C4
hard verminderdgrondtoon + grote terts + verminderde kwint1, 3, b5c, e, gesCb5
dubbel verminderdgrondtoon + verminderde terts + verminderde kwint1, bb3, b5c, eses, gesCmb5

C majeurakkoord
Een C-majeurakkoord

Een C-majeurakkoord bestaat bijvoorbeeld uit c, e en g, dat is dan 1, 3 en 5. In principe kunnen de noten van een akkoord voor elke andere grondtoon door transponering gevonden worden.

Vierklank

Als men nog een terts meer stapelt, ontstaat een vierklank, een zogenaamd septiemakkoord: Een septiemakkoord bestaat dus uit een grondtoon + terts + kwint + septiem. We onderscheiden onderstaande typen:

Naam Intervallen Tonen Voorbeeld in C Symbool
dominant septiemgrondtoon + grote terts + reine kwint + kleine septiem1, 3, 5, b7c, e, g, besC7
majeur of groot septiemgrondtoon + grote terts + reine kwint + grote septiem1, 3, 5, 7c, e, g, bCmaj7
mineur of klein septiemgrondtoon + kleine terts + reine kwint + kleine septiem1, b3, 5, b7c, es, g, besCm7
mineur majeur of klein groot septiemgrondtoon + kleine terts + reine kwint + grote septiem1, b3, 5, 7c, es, g, bCmMaj7
half verminderd septiemgrondtoon + kleine terts + verminderde kwint + kleine septiem1, b3, b5, b7c, es, ges, besCm7b5
verminderd septiem of dimgrondtoon + kleine terts + verminderde kwint + verminderde septiem1, b3, b5, bb7c, es, ges, besesC°7
dubbel verminderd septiemgrondtoon + verminderde terts + verminderde kwint + verminderde septiem1, bb3, b5, bb7c, eses, ges, besesgeen symbool want klinkt als omkering van dominant
hard verminderd septiemgrondtoon + grote terts + verminderde kwint + kleine septiem1, 3, b5, b7c e ges besC7b5
overmatig septiemgrondtoon + grote terts + overmatige kwint + grote septiem1, 3, #5, 7c e gis bCmaj7#5
overmatig dominantgrondtoon + grote terts + overmatige kwint + kleine septiem1, 3, #5, b7c e gis besC+7

Van deze septiemakkoorden wordt vooral het dominant septiemakkoord veel gebruikt in vrijwel alle muziek na ca. 1700.

Het dubbelverminderd septiemakkoord wordt veelvuldig in klassieke muziek gebruikt, en gaat dan (in de eerste omkering) het dominant septiem akkoord (in grondligging) een kleine secunde hoger vooraf. (in C-majeur: as-c-es-fis gevolgd door g-b-d-f.) De overmatige terts komt in de harmonieleer niet voor; het is een exotisch melodisch interval, dat in Aziatische muziek af en toe wordt gebruikt.

In de jazzmuziek is het gebruikelijk om alles te harmoniseren met septiemakkoorden. Nog meer tertsen kan ook, al is hun gebruik een stuk minder algemeen. Een terts boven op een dominantseptiemakkoord levert een resp. klein en groot none-akkoord. Zo kun je doorstapelen en er ontstaan '11' en '13' -akkoorden. Verder gaan dan 13 is zinloos, omdat 15 en 17 enharmonisch gelijk zijn aan resp. de grondtoon en de terts.